ViA15

Blik op beschermde diersoorten

In het gebied waar de toekomstige (nieuwe) A15 komt, leven allerlei dieren. Vogels en vleermuizen bijvoorbeeld, maar ook vissen, amfibieën en bevers. Het is belangrijk dat Projectbureau ViA15 precies weet welke diersoorten zich op of rond het geplande tracé bevinden, zodat maatregelen kunnen worden getroffen. De afgelopen jaren is meerdere keren onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van flora en fauna in het gebied. In 2015 gaan onderzoekers opnieuw het veld in.

De Flora- en Faunawet is duidelijk: als Rijkswaterstaat met een project het leefgebied van beschermde diersoorten aantast, dan moeten we ervoor zorgen dat deze dieren een nieuwe, veilige plek vinden. In 2008 zijn we gestart met het onderzoek naar de aanwezigheid van beschermde planten- en dierensoorten in het plangebied van de nieuwe A15. Het onderzoek wordt om de paar jaar herhaald. "Niet alle diersoorten blijven op dezelfde plek en er komen nieuwe diersoorten bij", vertelt ecoloog Gerlof Hoefsloot van Bureau Waardenburg; het bureau dat de onderzoeken uitvoert in opdracht van Projectbureau ViA15. "De rugstreeppad en bepaalde vogels bijvoorbeeld, kunnen zich snel naar nieuw leefgebied uitbreiden. De otter is een voorbeeld van een beschermde soort die zijn leefgebied in Nederland verder uitbreidt. Met het nieuwe onderzoek willen we op de hoogte blijven van de beschermde diersoorten in het gebied."

Vogelsoorten
Dit jaar wordt onder meer het onderzoek naar vogels geactualiseerd. Hoefsloot: "We weten uit voorgaande veldonderzoeken dat er in het gebied beschermde vogelsoorten leven, zoals de buizerd, diverse soorten uilen, de gierzwaluw en de huismus. Deze vogels nestelen in de bosjes langs de A12 en A15, maar ook in schuren en gebouwen. De onderzoekers gaan in 2015 meerdere keren kijken én luisteren bij mogelijke broedlocaties om vast te stellen waar vogels broeden. "Op het moment dat er nog geen blad aan de bomen zit, kunnen we goed bekijken of we een nest zien. Later als het blad aan de bomen zit, dan gaan we goed luisteren; zo horen we bijvoorbeeld de jongen van een ransuil roepen en dan weten we dus dat daar een nest zit. Strategie bij de steenuil is dat we een mp3-geluid afspelen van een roepend mannetje, en kijken of de vogel die daar terrein heeft, gaat terugroepen. En zo weten we dan of er steenuilen in het gebied zitten."

Beverburcht
Speciale aandacht is er in het onderzoek voor de bever, die in het uiterwaardengebied ten oosten van het Pannerdensch Kanaal voorkomt. De onderzoekers hebben hier in 2015 opnieuw een bewoonde burcht, wissels en knaagsporen gevonden. De bever zelf is nog niet gesignaleerd. "Bevers laten zich overdag niet zien, zij leven in de schemering en in het donker", vertelt Hoefsloot. "Het onderzoek moet uitwijzen hoe groot de beverpopulatie op dit moment is en waar de burchtlocaties en belangrijkste voedselgebieden zich bevinden. Met die informatie kan Projectbureau ViA15 bepalen welke beschermende maatregelen nodig zijn om te zorgen dat de bever, ondanks de aanleg en het gebruik van de nieuwe weg, in de uiterwaarden kan blijven wonen."

Bever
Een door een bever omgeknaagde boom in het uiterwaardengebied ten oosten van het Pannerdensch Kanaal

ViA15 is een samenwerkingsverband van:

Rijksoverheid

Provincie Gelderland

Medegefinancierd door de Europese Unie (1)

ViA15 is een samenwerkingsverband van provincie Gelderland en ministerie van Infrastructuur en Milieu